Taal is overal, altijd

15 november 2021
67
67
0

Taal is het allerbelangrijkste (en leukste!) wat er is. Vind ik, maar dat is nogal wiedes als je schrijft en dus elke dag met woorden bezig bent. Mijn vriend wordt geregeld gek van mijn getik op het toetsenbord en het leeslampje dat tot diep in de nacht aan staat. Maar in feite is iedereen op allerlei momenten met taal bezig, ook als je het helemaal niet doorhebt of niet dol bent op boeken.

Indruk

Wanneer je iemand probeert te leren kennen, bijvoorbeeld. Hoe iemand spreekt en wat iemand zegt, geeft je al snel een indruk van die persoon. Maar denk ook aan momenten waarop je jezelf probeert te vermaken en besluit een column te lezen, je appjes verstuurt en leest, je een bestelling plaatst bij een webshop, je met je partner de dag doorneemt of met je kind speelt. Taal is overal, altijd.

Grote invloed

Omdat taal overal is, heeft die een grote invloed op de manier waarop we de wereld om ons heen zien. Een simpel voorbeeld hiervan is het onderscheiden van kleuren. In het Nederlands hebben we maar één woord voor de kleur blauw. Tinten onderscheiden we hooguit door er een omschrijvend woord voor te zetten (‘licht’, ‘donker’). In het Grieks zijn er aparte woorden voor lichtblauw en donkerblauw (ghalazio en ble). Nu blijkt dat sprekers van het Grieks deze twee kleuren ook sneller en beter kunnen benoemen dan bijvoorbeeld sprekers van het Nederlands. Dit verschil is onschuldig van aard, maar je kunt je indenken waar een cultuurkloof kan ontstaan.

Omgekeerde zonnebril

Nu wil ik niet claimen dat de taal die we spreken onze gedachten bepaalt. Immers kunnen we van alles (be)denken waar we nog geen woorden voor hebben en de woorden bij die nieuwe concepten maken. Maar de taal die we spreken heeft wél invloed op onze hersenactiviteit. Het is geen kleurloos, neutraal medium: het beïnvloedt de associaties die we maken en waar we goed of slecht in zijn (zoals dus bijvoorbeeld kleuren herkennen!). Taal is daarmee veel meer dan de optelsom van woorden en grammatica alleen. Het is als een soort omgekeerde zonnebril: eentje die de wereld inkleurt.

Woordenschat

Niet alleen welke taal we spreken, maar ook de hoeveelheid taal heeft impact op de manier waarop we naar de wereld kijken. Filosoof Ludwig Wittgenstein zei al: ‘De grenzen van mijn taal zijn de grenzen van mijn wereld’. Dat blijkt te kloppen als een bus. Zo hebben kinderen die veel minder taal horen een veel kleinere woordenschat. Zo kennen ze slechts 20% à 30% van de woorden waarover kinderen met veel taalaanbod beschikken. En dat is natuurlijk jammer. Want hoe meer woorden je hebt, hoe beter je de wereld om je heen kunt beschrijven, begrijpen en verkennen.

Schatkist

Taal is een schatkist vanwaaruit een mens zich kan ontwikkelen, ontplooien, de wereld ontdekken. Een schatkist die het brein vormt en sterkt. En iedere ouder kan een kind deze schatkist meegeven. Gewoon door vooral véél te praten, te lezen, te schrijven. Ervoor te zorgen dat taal overal is, altijd.

Deel dit artikel